Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Wet op het LSOP en het politieonderwijs

 

Artikel 14
1
Onze Minister, en voor zover het opleidingen betreft op het terrein van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde dan wel de taken ten dienste van de justitie Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, wijst de initiële en postinitiële opleidingen aan die voor bekostiging ingevolge artikel 27 in aanmerking komen, en draagt met het oog op de totstandkoming van een landelijke kwalificatiestructuur zorg voor het vaststellen en onderhouden van een samenhangend en gedifferentieerd geheel van competentiegerichte eindtermen, indien mogelijk onderverdeeld in deelkwalificaties, voor de initiële en postinitiële opleidingen.
2
Op voorstel van de politieonderwijsraad, worden daartoe, indien noodzakelijk, jaarlijks voor 1 september bij ministeriële regeling per aangewezen opleiding de beroepsprofielen, de competentiegerichte eindtermen en indien mogelijk de indeling daarvan in deelkwalificaties alsmede de examenverplichting vastgesteld.
3
Uit het voorstel dient te blijken dat de politieonderwijsraad voldoende acht heeft geslagen op de aansluiting van door het LSOP verzorgde opleidingen bij de opleidingen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs, de beroepsopleidingen, de opleidingen voor hoger beroepsonderwijs en het wetenschappelijk onderwijs.
4
Indien ten aanzien van bepaalde uitvoerende functies of taken bij of krachtens de wet vereisten zijn vastgesteld met betrekking tot de kwaliteiten op het gebied van kennis, inzicht, vaardigheden, houding, ervaring of persoonlijke eigenschappen waarover degenen die die functie of taak gaan vervullen, moeten beschikken, neemt Onze Minister, en voor zover het opleidingen betreft op het terrein van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde dan wel de taken ten dienste van de justitie Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, deze vereisten in acht bij de vaststelling van de competentiegerichte eindtermen.
5
Op voorstel van de politieonderwijsraad stelt Onze Minister, en voor zover het opleidingen betreft op het terrein van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde dan wel de taken ten dienste van de justitie Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, met inachtneming van artikel 13, zesde lid, per opleiding de studieduur en de studielast vast. De studieduur of de studielast kan verschillen voor onderscheiden studenten of groepen van studenten, zo nodig in afwijking van de in artikel 13, zesde lid, genoemde studieduur of studielast.
6
Het college van bestuur draagt er zorg voor dat de opleidingen zodanig zijn ingericht dat de studenten de competentiegerichte eindtermen binnen de vastgestelde studielast kunnen bereiken. Het college van bestuur draagt zorg voor de aanleg, het beheer en de bekendmaking van een centraal register politieopleidingen waarin de competentiegerichte eindtermen van de onderscheiden opleidingen zijn opgenomen.


Jurisprudentie bij dit artikel

  • Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.

  • Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.
  •